
Onze geschiedenis
We gaan terug naar 1871. Nederland had toen duizenden boeren die zelfstandig werkten. Zij leverden de melk van hun koeien aan particuliere fabrieken of maakten er op hun eigen boerderij kaas of boter van. Het was zwaar werk voor de boerinnen, die meestal de kaas en de boter maakten. De opbrengsten van al dat werk waren laag, waardoor er armoede was in veel boerengezinnen. Boeren stonden met hun rug tegen de muur.
Steeds meer samenwerking
In 1872 besloten 20 boeren in de Hollandsche Wieringerwaard, in Noord-Holland, om samen te werken. Ze kochten een gebouw, twee kaastobben en een weegschaal. Ze stelden een kaasmaker aan en zo was de eerste officiële samenwerking van boeren tot stand gekomen. In Friesland gebeurde iets soortgelijks in het dorp Warga: een groep boeren verenigde zich in een coöperatie.
Het heft in eigen handen
In allerlei dorpen in Noord-Holland en Friesland kwamen samenwerkingen en coöperaties tot stand. En in de rest van Nederland verenigden boeren zich in de jaren die daarop volgden. In het Limburgse dorp Tungelroy werd in 1882 de eerste coöperatie gestart. Boeren namen het heft in eigen handen, kregen macht over wat er met hun melk gebeurde en bepaalden zelf de bedrijfsvoering. Ze hielden de opbrengsten van hun samenwerking voor zichzelf. De coöperatie als vorm van samen ondernemen is sindsdien stevig verankerd. Voor veel boeren was dit een weg uit de armoede.
Veel is veranderd
Niet alleen de levens van boeren in Nederland veranderden dankzij de samenwerking. Door samen te investeren in een fabriek, apparatuur aan te schaffen en personeel aan te trekken, werd het maken van kaas naar een hoger plan getild. Het proces van samenwerken was het begin van grote ontwikkelingen van mensen, ideeën en techniek. Een periode van bloei voor honderden coöperatieve en particuliere bedrijven brak aan. De meeste daarvan zijn door fusies en samenwerkingen opgenomen in wat nu FrieslandCampina is.
Gegroeid tot een van de modernste zuivelindustrieën
Van die eerste kaasfabriek met twee kaastobben in 1872 zijn we nu uitgegroeid tot een van de modernste zuivelindustrieën in de wereld. En nog steeds staat in de coöperatie het belang van onze leden-melkveehouders voorop. Nog steeds wordt de winst van de onderneming uitbetaald aan de eigenaars van de onderneming: onze leden-melkveehouder.