Natuurbeschermers en bedrijven smeden coalitie voor meer boerenlandnatuur

FrieslandCampina, Rabobank en WNF willen met innovatieve aanpak melkveehouders belonen bij herstel en behoud van biodiversiteit op het boerenland

4 juli 2017

FrieslandCampina, Rabobank en Wereld Natuur Fonds hebben de krachten gebundeld om melkveehouders te helpen bij het herstel en behoud van natuur. Samen met boeren willen zij in beeld brengen welke maatregelen de melkveehouderij neemt om biodiversiteit te beschermen. Daarvoor is een nieuwe methode ontwikkeld: de biodiversiteitsmonitor. Deze laat in één oogopslag de natuurprestaties van de melkveehouder zien. Vanaf komend najaar wordt deze unieke aanpak ingevoerd en verder ontwikkeld in de praktijk.

Het is de bedoeling dat melkveehouders die aantoonbaar goede prestaties leveren hiervoor erkenning krijgen door bijvoorbeeld gunstige rentetarieven van de bank. Dit najaar zullen de leden van FrieslandCampina beslissen of de biodiversiteitsmonitor wordt opgenomen in Foqus planet, het duurzaamheid- en kwaliteitsprogramma van FrieslandCampina waarbinnen leden-melkveehouders via een bonus malussysteem beloond worden voor hun duurzaamheidsbijdragen.

Natuur als basis

De melkveehouderij beslaat tweederde van het Nederlandse landoppervlak en is daarmee het grootste leefgebied voor planten en dieren. De natuur op boerenland staat echter onder druk. Het aantal weidevogels, zoals de grutto, tureluur en kievit, daalt nog steeds. Ook is het voor de sector een uitdaging om aan de milieudoelstellingen te voldoen, zoals een reductie van fosfaat en stikstof en lagere uitstoot van broeikasgassen. Veel melkveehouders zetten zich al in voor weidevogels, boerenlandnatuur en het verlagen van de milieudruk. Maar die maatregelen kunnen zij alleen nemen als die financieel haalbaar zijn en in te passen in hun bedrijfsvoering. Dat is lastig, gezien de grote schommelingen in de melkprijzen.

Het belonen en waarderen van melkveehouders is volgens de partijen dé manier om natuur terug te brengen op het boerenland en het bedrijf veerkrachtiger te maken. Want melkveehouders kunnen zelf ook baat hebben bij natuur. Boeren zijn afhankelijk van een vruchtbare bodem, voldoende en schoon water en mineralen. Een vruchtbare bodem en evenwichtiger beheer van grasland is daarvoor de basis. FrieslandCampina, Rabobank en het Wereld Natuur Fonds hebben daarom de krachten gebundeld om de basis te leggen voor verdienmodellen die in de keten kunnen worden ontwikkeld en die bijdragen aan een betere toekomst voor natuur en melkveehouders.

Biodiversiteitsmonitor

“De leden van FrieslandCampina beheren en bewonen al generaties lang het boerenland en hebben door de eeuwen heen het landschap gevormd, waarbij continuïteit van de boerenbedrijven vooropstaat, nu en voor de komende generaties,” aldus Erwin Wunnekink lid van het bestuur van zuivelcoöperatie FrieslandCampina. “Biodiversiteit draagt bij aan een gezonde en vruchtbare bodem. Dat zal iedere boer aanspreken.”

De biodiversiteitsmonitor, die met het Louis Bolk Instituut is ontwikkeld, meet de prestaties op het hele boerenbedrijf. Dat is anders dan agrarisch natuurbeheer dat bestaat uit losse maatregelen, zoals het later maaien voor weidevogels. De biodiversiteitsmonitor laat de boer zien welke positieve effecten maatregelen hebben voor het landschap, weidevogels en andere boerenlandsoorten, maar ook welke aanpak leidt tot een gezonde bodem en minder uitstoot van broeikasgassen. Bovendien ziet de melkveehouder welke maatregelen goed uitpakken voor zijn bedrijf. Kruidenrijk grasland is bijvoorbeeld goed voor grutto’s én een gezonde voedselbron voor koeien.

Landbouw met natuur

Ruud Huirne, directeur Food & Agri van de Rabobank: “De Rabobank realiseert zich dat economische duurzaamheid sterk samenhangt met hoe we op duurzame wijze omgaan met natuur. De natuur levert de landbouw belangrijke diensten en daar moeten we goed voor zorgen. Bovendien is de maatschappelijke erkenning van de melkveehouder als verantwoordelijk beheerder van het platteland een belangrijke randvoorwaarde voor het draagvlak voor de sector in ons drukbevolkte land. In onze financiering willen we kijken hoe we rentevoordelen kunnen bieden aan boeren die het goed doen. Ook verkennen we de mogelijkheden om prestaties op het gebied van natuur integraal mee te wegen bij het inschatten van financieringsrisico’s. De biodiversiteitsmonitor kan hierbij een belangrijke rol spelen.“

“Intensieve landbouw heeft met voorsprong de grootste invloed op natuurherstel’’, zegt Natasja Oerlemans hoofd voedsel en landbouw van WNF. ,,De veehouderij heeft negatieve gevolgen tot ver buiten de landbouwgebieden, maar kan ook een onderdeel van de oplossing zijn. Hoe meer partijen de biodiversiteitsmonitor gebruiken om melkveehouders te belonen voor hun prestaties, hoe aantrekkelijker het wordt om een bijdrage te leveren aan natuurherstel. Met de biodiversiteitsmonitor stimuleren we melkveehouders om mét de natuur te boeren, in plaats van tégen de natuur.”

Duurzaamheid melkveebedrijf

De biodiversiteitsmonitor wordt met ingang van het komend jaar door zoveel mogelijk enthousiaste melkveehouders ingepast in hun bedrijfsvoering op het melkveebedrijf. Een manier om het behoud van biodiversiteit op melkveebedrijven te stimuleren en direct zichtbaar te maken is het opnemen van de biodiversiteitmonitor in Foqus planet, het kwaliteits- en duurzaamheidsprogramma van de leden-melkveehouders van FrieslandCampina. Deze mogelijkheid wordt in 2017 in de coöperatie besproken. De Duurzame Zuivelketen heeft de intentie om de monitor te gebruiken. De Duurzame Zuivelketen is een gezamenlijk initiatief van de Nederlandse Zuivel Organisatie (NZO) en LTO Nederland en valt onder ZuivelNL.

De Rabobank zet zich al geruime tijd bij de overheid in om melkveehouders die goed scoren in de biodiversiteitsmonitor bij nieuwe investeringen in aanmerking te laten komen voor rentekorting via een groenlening. Als dit lukt zal zij dit actief onder de aandacht brengen van haar klanten en zorgdragen voor het aanvragen van Groenverklaringen voor haar klanten.

Het streven is om op den duur meer partijen te laten aansluiten; verpachters, waterschappen, provincies en de Rijksoverheid. Zij kunnen de biodiversiteitsmonitor ook gebruiken om goed presterende boeren te belonen met bijvoorbeeld een lagere pachtprijs of minder kosten. De drie initiatiefnemers willen daarom op termijn de biodiversiteitsmonitor onderbrengen in een onafhankelijke organisatie, zodat zoveel mogelijk partijen deze kunnen gebruiken om natuurherstel aan te jagen.