Ondersteuning zuivelmarkt nodig zolang wereldwijde vraag niet aantrekt

16 juli 2009


De wereldwijde economische crisis leidt ertoe dat de Europese zuivel en melkveehouderij momenteel door een diep dal moeten. FrieslandCampina maakt zich grote zorgen over de gevolgen van het lage prijsniveau en de ontwikkeling van de opbrengstprijzen voor zuivelproducten en daarmee voor het niveau van de garantieprijs voor haar leden. “Een wereldwijde opleving van de vraag is noodzakelijk voor het herstel van de prijzen. Intussen is het voor de melkveehouders van het grootste belang dat de Europese Commissie doorgaat met een effectieve crisisondersteuning aan de zuivelmarkt, zolang dat nodig is”, stelt Kees Wantenaar, voorzitter van het bestuur van Zuivelcoöperatie FrieslandCampina.

Melkveehouders maken financieel momenteel zware tijden door. Sybren Attema, vicevoorzitter van Zuivelcoöperatie FrieslandCampina, ziet echter geen rol voor FrieslandCampina in de financiering van bedrijven die in zwaar weer verkeren. “De coöperatie zorgt voor inkomsten. Niet voor het inkomen van haar leden. Het is de kerntaak van de coöperatie om gezamenlijk melk te vermarkten en tot waarde brengen.” Attema staat achter de oproep van LTO Nederland om de uitbetaling van toeslagrechten 2009 te vervroegen naar augustus ten einde de liquiditeitspositie op de melkveehouderijbedrijven te verbeteren.

Daling van de vraag
In 2008 waren de prijzen voor boerderijmelk juist hoog, vanwege de sterke internationale vraag naar zuivel. Wantenaar: “De economische en financiële crisis heeft wereldwijd geleid tot een aanzienlijke daling van de vraag naar zuivelproducten. Dat heeft een sterke daling van prijzen veroorzaakt voor met name de basiszuivelproducten die internationaal verhandeld worden, zoals melkpoeder, boter en foliekaas. De sterke prijsdaling voor deze producten, waar vrijwel alle zuivelondernemingen over de hele wereld mee te maken hebben, leidt helaas tot ongekend lage prijsniveaus voor boerderijmelk.”

Ongelukkige samenloop van omstandigheden
Volgens de voorzitter van FrieslandCampina is er sprake van een ongelukkige samenloop van omstandigheden. Hij wijst erop dat de Europese politiek al jaren geleden de keuze heeft gemaakt om de bescherming van de Europese zuivelsector te verminderen. Daardoor bewegen de prijzen binnen de Europese Unie nu sterk mee met die op de wereldmarkt. “Na jaren van gestage prijsdalingen was er einde 2007 opeens sprake van ongekend sterke prijsstijgingen, vanwege de grote wereldwijde vraag naar zuivel. Deze hoge prijzen leidden medio 2008 tot een afname van de vraag, die ongelukkigerwijs versterkt werd door de financiële en economische crisis. Een verbetering van de economische situatie in de wereld zal uiteindelijk ook de vraag naar zuivel ten goede komen.”

FrieslandCampina is er voor de leden-melkveehouders om in deze beweeglijke markt posities in te nemen. Wantenaar: “We zetten daarom in op een sterke geografische spreiding, de spreiding over productgroepen en sterke merken, waardoor we minder gevoelig zijn voor de prijzen voor bijvoorbeeld melkpoeder en boter. Maar ook wij opereren in markten die sterk onder druk staan en dus is voor ons het aftelpunt nu geen ruim 0,36 euro, zoals vorig jaar, maar momenteel al rond 0,25 euro per kilo melk. Het is inherent aan onze spreiding en productenpakket dat we afzetkanalen hebben met goede opbrengsten, maar ook wij maken poeder, boter en foliekaas. Wij kunnen het basisniveau in die markten niet veranderen.”
Dat wil echter niet zeggen dat FrieslandCampina lijdzaam toekijkt, benadrukt Attema. “Integendeel. We doen alles voor een zo hoog mogelijke melkprijs voor onze leden. We vergen veel van onze medewerkers. FrieslandCampina investeert voortdurend in kostenbeheersing en efficinencyverbetering. De sluiting van Oud-Gastel is daar een voorbeeld van. Dat kost arbeidsplaatsen, maar we doen dat in het belang van onze leden.”

Verwerking en afzet van alle melk van alle leden
Vanwege de liberalisering van de Europese zuivelmarkt ondersteunt FrieslandCampina de keuze die de Europese landbouwministers gemaakt hebben, om per 1 april 2015 de Europese melkquotering af te schaffen. In aanloop daar naartoe zijn geleidelijke quotumverruimingen al doorgevoerd en gepland. Wantenaar: “In een liberalere zuivelmarkt, met duidelijk minder marktondersteuning, is melkquotering geen werkzaam middel om de prijzen hoog te houden. Daarnaast werkt de melkquotering nog slechts in een beperkt aantal landen; de meestel EU-landen produceren inmiddels minder melk dan hun quotum toelaat.”

Wantenaar: “We hebben het in het bestuur nog eens uitgebreid besproken. We blijven van mening dat we als coöperatieve zuivelonderneming onverkort staan voor het verwerken en verkopen van alle boerderijmelk die de leden-melkveehouders leveren. Een lid-melkveehouder bepaalt daarbij zelf hoeveel melk hij levert. FrieslandCampina stuurt daarbij op geen enkele manier het aanbod van melk van de leden en faciliteert op die wijze de bedrijfsontwikkeling waarvoor de leden individueel kiezen. Het is niet aan de coöperatie FrieslandCampina zich te bemoeien met individuele bedrijfsbeslissingen van een lid-melkveehouder. FrieslandCampina kan dus niet de verantwoordelijkheid voor het individuele melkveebedrijf of het individuele inkomen van een lid-melkveehouder op zich nemen.”

Wantenaar en Attema vinden het belangrijk dat het bestuur dit najaar met de leden, in de reguliere ledenbijeenkomsten, deze ijkpunten bespreekt en herbevestigt. Attema: “Onze leden-melkveehouders geven ons sinds decennia nadrukkelijk de opdracht om al hun melk te verwerken en te verkopen. Daarvoor stonden we in rustiger tijden, daarvoor stonden we twee jaar geleden toen de prijzen ongekend hoog waren en daarvoor staan we ook nu en in de toekomst, als de EU-melkquotering vervalt. Wij zijn voor onze leden, die allemaal hun eigen melkveebedrijf hebben in hun eigen situatie, de gemeenschappelijke schakel naar de internationale markt. Juist in tijden als deze, is het van belang om dat soort fundamenten met elkaar te bespreken en te onderstrepen.”

Goed perspectief
Voor de langere termijn blijft het perspectief voor de zuivelmarkt onveranderd goed, is de overtuiging van Wantenaar, ook al gebiedt de realiteit te zegen dat een gunstig lange termijn perspectief niet inhoudt dat de prijzen in de toekomst gemiddeld zich structureel op een hoger niveau gaan bevinden dan in het verleden. Wantenaar: “Wereldwijd wordt zuivel gezien als een veelzijdig en rijk voedingsmiddel. Niet alleen voor directe consumptie, maar ook voor gebruik als halffabrikaat. Vanwege de groei van de wereldbevolking en de stijging van de consumptie per hoofd van de bevolking blijven experts ervan overtuigd dat op langere termijn de vraag naar zuivel groeit. In ons deel van Europa zijn wij zeer goed in staat om daarop in te spelen. Niet alleen in de melkveehouderij, maar ook in de afzet. Als FrieslandCampina zijn we bijvoorbeeld al vele tientallen jaren actief in Azië en Afrika, waar mensen graag onze zuivel kopen.”
Attema ziet de melkprijs in de tweede helft van 2009 niet overeind krabbelen. “Helaas zien wij nog geen tekenen van structureel herstel.” Attema is op lange termijn allerminst pessimistisch. “Met doemdenken komen we niet verder, dan wordt het alleen maar nog lastiger. Onderschat de veerkracht en de innovatiekracht van de sector niet. De melkveehouderij zal uit dit dal komen.”

Gerichte ondersteuning
Zolang er geen einde komt aan de wereldwijde economische en financiële crisis, is gerichte ondersteuning van de Europese Commissie voor de zuivelmarkt op zijn plaats, aldus Wantenaar. “De Europese Commissie heeft tijdig doordachte maatregelen genomen om de zuivelmarkt in deze uitzonderlijke situatie te steunen en heeft daarmee voorkomen dat de zuivelprijzen nog verder zijn gedaald dan ze nu al zijn. Wij doen een beroep op de Europese overheid om deze ondersteuning te handhaven zolang het nodig is, om broos herstel niet in de kiem te smoren.”
FrieslandCampina pleit voor realistische oplossingen. Forse quotumkortingen op korte termijn horen daar volgens Wantenaar in ieder geval niet bij. “Dat is niet in lijn met de koers die Europa heeft ingezet. Bovendien melken de meest lidstaten nu al fors onder hun quotum. En ook onder die omstandigheden is de melkprijs laag.”
FrieslandCampina wil zeker meedenken over maatregelen die kunnen leiden tot hogere melkprijzen voor melkveehouders. Tegelijkertijd zijn er zorgen bij Wantenaar. “Wanneer Europese landen eigen maatregelen gaan nemen, is de kans op marktverstoring groot. En dat is niet in het belang van de leden van FrieslandCampina. Vergeet niet, driekwart van onze melk wordt binnen een groot aantal landen binnen de EU afgezet.”