De koe in de wei hoort bij het Nederlandse landschap. FrieslandCampina moedigt de leden-melkveehouders in Nederland, België en Duitsland aan om hun koeien en jongvee te weiden. Dat is niet altijd eenvoudig. Zo hebben niet alle melkveehouders de gelegenheid om hun koeien te weiden. Soms hebben ze niet voldoende weiland om te weiden, soms ligt de wei te ver weg.

Het weiden van koeien vraagt veel begeleiding van de melkveehouders. Daarom krijgen de melkveebedrijven die weidegang toepassen een extra beloning. Als melkveehouders hun melkkoeien ten minste 120 dagen per jaar minimaal 6 uur per dag in de wei laten grazen, ontvangen zij een toeslag van 1,50 euro bruto per 100 kilo melk, bovenop de melkprijs. Als een gedeelte van de melkkoeien de wei in gaat, noemen we dat ‘deelweidegang’. Dan krijgen de melkveehouders een toeslag van 0,46 euro bruto per 100 kilo melk op de melkprijs. Om hiervoor in aanmerking te komen moet tenminste 25 procent van koeien en jongvee dat op het melkveebedrijf aanwezig is, 120 dagen per jaar minimaal zes uur per dag in de wei grazen.

In 2012 was er op 81,2 procent van de melkveebedrijven sprake van het weiden van koeien. Om ervoor te zorgen dat er ook in de toekomst koeien in het Nederlandse landschap blijven, heeft FrieslandCampina zichzelf ten doel gesteld om dat niveau van 81,2 procent in 2020 weer te halen. Dat doel werd in 2018 al bereikt.

Kijk mee: koe in de wei

In onderstaande video vertelt melkveehouder Tonny Groot Koerkamp over zijn ervaringen met het weiden van zijn koeien in combinatie met een melkrobot. Het melkveebedrijf van Groot Koerkamp doet mee aan het project Robot & Weiden, een project van Duurzame zuivelketen dat mede wordt gefinancierd door Zuivelnl.org, de ketenorganisatie van de zuivelsector.

En intussen in de stal…

Een koe in de wei is en blijft een mooi gezicht. Maar een koe die op stal staat, heeft het ook goed. Onze leden-melkveehouders zorgen ervoor dat er voor hun koeien in de stal alles is wat ze nodig hebben aan bewegingsvrijheid, ruimte, licht en lucht, zachte ligbedden, schoon drinkwater en voer. Alles moet er op gericht zijn dat de huisvesting in orde is en een koe zich comfortabel voelt. Koeien houden van temperaturen tussen -5°C en 18°C. Vanaf 21° Celsius moet een koe meer moeite doen om het niet te warm te krijgen en bij hele hoge temperaturen kan hittestress ontstaan. De melkveehouder helpt de koe daarbij door ervoor te zorgen dat de omgevingsomstandigheden zo optimaal mogelijk zijn; bijvoorbeeld dat de stal goed aansluit op de behoefte van de koe of door koeien ’s nachts te weiden.

Langer leven voor een koe

FrieslandCampina stimuleert de leden-melkveehouders ook om de levensduur van hun koeien in 2020 ten opzichte van 2011 met zes maanden te verlengen. In 2011 was de gemiddelde levensduur van een koe in Nederland vijf jaar, acht maanden en elf dagen. Eind 2018 was de gemiddelde levensduur van een koe vijf jaar, zes maanden en veertien dagen. Dit is een daling van acht dagen ten opzichte van 2017. De voornaamste reden van deze daling is het feit dat de veestapel verplicht moest inkrimpen door de fosfaatwetgeving. Naar verwachting neemt de levensduur van de koeien vanaf 2019 toe als het effect van de fosfaatwetgeving achter de rug is. We werken samen met andere partijen in de sector om de levensduur van koeien te verlengen. Daarover wordt gerapporteerd in het geïntegreerde jaarverslag van FrieslandCampina waarin naast de financiële resultaten ook de resultaten op het gebied van duurzaamheid zijn opgenomen.

Binnen de Duurzame Zuivelketen wordt in onze sector samengewerkt om dierenwelzijn voortdurend te verbeteren.

Weidegang: koeien in de wei 6